|
De term sgraffito (of ook wel graffito, meervoud graffiti) komt van het Italiaanse werkwoord sgraffiare, wat 'krabben' betekent.
De techniek die hiermee word aangeduid, kent het volgende principe. Op een muur of andere starre ondergrond worden twee of meer gekleurde pleisterlagen (doorgaans een kalkmortel) aangebracht. Vervolgens worden in de nog zachte pleisterlagen lijnen en vlakken weggekrabt, zodat een voorstelling ontstaat. Door dieper of minder diep in die verschillende kleurlagen te ‘krabben’ ontstaan lijnen en vlakken in verschillende kleuren. Er moet bij deze techniek snel gewerkt worden, omdat de kalkmortel na ongeveer 24 uur te hard is om nog te kunnen bewerken.
De sgraffito-techniek is al eeuwenlang toegepast in Italië, Zwitserland en Oostenrijk, voornamelijk voor decoratie van het exterieur van gebouwen. Daarbij werden doorgaans slechts grijstinten en zwart gebruikt en is de voorstelling puur decoratief.
In Nederland wordt de techniek eigenlijk pas vanaf de wederopbouwperiode toegepast en wordt dan veelal gebruikt voor zelfstandige kunstwerken, aanvankelijk zowel aan het exterieur als het interieur van gebouwen. De techniek blijkt echter niet goed bestand tegen het regenachtige Nederlandse klimaat, zodat latere toepassingen vooral aan de binnenzijde van gebouwen te vinden zijn. Door kunstenaars als Lex Horn en Nico Wijnberg worden de mogelijkheden van de techniek uitgebuit, waarbij meerdere lagen (vaak 3 of 4) en ook meer kleuren worden gebruikt.

1 Detail kleuropbouw sgraffito Nico Wijnberg.

2 Laagopbouw (zijaanzicht) sgraffito Lex Horn.

3 Verweerde sgraffito Lex Horn te Kampen. |