Instituut Collectie Nederland icn project | wederopbouwkunst
Home arrow Categoriaal Onderzoek Wederopbouw 1940-1965 arrow 3.4 Tentoonstellingen in Rotterdam en Amsterdam
Hoofd Menu
Home
Project Monumentale Wandkunst
Organisatie
Kunstenaars
Technieken
Agenda Monumentale Wandkunst
Categoriaal Onderzoek Wederopbouw 1940-1965
Stappenplan behoud Monumentale Wandkunst
Uitgelicht
Vraag en aanbod
- - - - - - -
Contact
Links
FAQ
Administrator
Login Gebruikers





Wachtwoord vergeten?
3.4 Tentoonstellingen in Rotterdam en Amsterdam

De tentoonstellingen in Amsterdam zoals Weerbare Democratie (1946), Wandschilders Experimenteren (1948) of de Opdracht (1956) waren direct of indirect gerelateerd aan kunstenaarsverenigingen en worden daarom in ander verband besproken. Rotterdam, met aanmerkelijk minder kunstenaarsverenigingen dan Amsterdam, viel op door zijn groots opgezette losse tentoonstellingen, die uitblonken door een samenwerkingsverband tussen architecten en kunstenaars.

1950 ROTTERDAM AHOY'

In 1950 vond in het Park aan de Maas de omvangrijke tentoonstelling rotterdam Ahoy’ plaats, die in anderhalve maand 1,5 miljoen bezoekers trok. 1500 mensen werkten hier zesenhalve maand aan onder leiding van de hoofdarchitecten Joop van den Broek (1898-1978) en Jaap Bakema en Hein Stolle. Het werd een promotietentoonstelling voor de wederopbouw van de zwaargehavende stad. Ook het Marshall-plan werd toegelicht. De hoofdarchitecten kozen gelijk

ROTTERDAM AHOY’ (1950) MET BEELD VAN LOUIS VAN ROODE EN EEN CONSTRUCTIE VAN KAREL APPEL, TENTOONSTEL-LING TE ROTTERDAM

AFBEELDING 3.19 ROTTERDAM AHOY’ (1950) MET BEELD VAN LOUIS VAN ROODE EN EEN CONSTRUCTIE VAN KAREL APPEL, TENTOONSTELLING TE ROTTERDAM

gestemde architecten en kunstenaars uit om mee samen te werken. Elk paviljoen had een eigen thema, waarbij het paviljoen Rotterdam eruit sprong. De kunstenaars Dolf Henkes (1903-1989), Wally Elenbaas en Karel Appel versterkten het leidinggevende team. Henkes maakte met behulp van vijf assistenten 780 vierkante meter wandschildering. Andere medewerkers waren de architecten Gerrit Rietveld en Herman Haan (1914-1996) en de Rotterdamse kunstenaars Gust Romijn (1922), Daan den Dikkenboer, Louis van Roode, Arie Verbeek (1893-1970) en Guus de Ruiter. De architecten bouwden de paviljoen en de kunstenaars voorzagen ze van wandschilderingen, gipsplastieken en ijzerconstellaties. Louis van Roode had een vier meter hoog plastiek voor het paviljoen van de Cargadoors van architect Rein Fledderus (1911-1970) gemaakt. Aldo van Eyck ontwierp Het Teken, een metaalplastiek bij de ingang. 35


1955 E 55

KAREL APPEL, E55, MUUR DER ENERGIE, 80 METER, TENTOONSTELLING ROTTERDAM AFBEELDING 3.20 KAREL APPEL, E55, MUUR DER ENERGIE, 80 METER, TENTOONSTELLING ROTTERDAM

Vijf jaar na rotterdam Ahoy’ werd op hetzelfde terrein, door de dezelfde organisatoren de tentoonstelling E55 georganiseerd. Mobilteit stond centraal op de E 55, oftewel Energie in 1955. Nieuw was de aandacht voor televisie en de ‘juiste’ woninginrichting. Aan de afdeling Groei en Bloei van Stad en Land werkten architecten mee als de Limburger Theo Boosten (1920-1990), Arthur Staal (1907-1993), Gerrit Rietveld en Willem van Tijen (1894-1974). Als opvolger van Aldo van Eycks Het Teken uit 1950 was nu de beurt aan Constants Teken: een metaalplastiek van gestapelde kubusribben. Karel Appel beschilderde een 80 meter lange wand die geprezen werd om de kleurigheid. Veel kunstenaars van Ahoy’ kregen ook hier weer een opdracht. Het team van Ahoy’ werd uitgebreid met Lex Metz, Friso ten Holt (1921-1997), Carel Visser (1928), Wessel Couzijn (1912-1984), Piet Worm (1909-1969) en Daan Wildschut, die voor het stiltecentrum een raam ontwierp in de onder meer door hem ontwikkelde techniek glas-in-beton. 36

E55 MET GER VAN IERSEL EN DAAN WILDSCHUT, TENTOONSTELLING ROTTERDAM 1955 AFBEELDING 3.21 E55 MET GER VAN IERSEL EN DAAN WILDSCHUT, TENTOONSTELLING ROTTERDAM 1955

A ET A WIJKCENTRUM AMSTERDAM-NOORD In het Amsterdamse Stedelijk Museum vond tegelijkertijd met de tentoonstelling van de LIGA Nieuw Beelden de prijsvraagtentoonstelling Wijkcentrum Amsterdam-noord plaats. Professor Abram Hammacher (1897-2002) sprak op de gezamenlijke opening over de ‘ethische gedroomde eenheid der kunsten’. Een wijkcentrum was een nieuwe bouwopgave die beantwoordde aan het ideaal van een ontmoetingsplaats voor de buurt en het te ontwikkelende gemeenschapsgevoel van de mensen. Architecten en kunstenaars werkten samen aan maquettes. Herman Herzberger (1932) vormde een team met de kunstenaars Carel Kneulman (1915) en Jan Meyer. De architecten Jan Verhoeven en Johan Sterenberg bundelden hun artistieke krachten samen met Karel Appel en Andre Schaller voor het ontwerp Oase, dat overigens door de jury niet gewaardeerd werd. Architect Dick van Woerkom ontwierp met Carel Visser en Joost Baljeu (1925-1991) een werkstuk dat de jury vooral waardeerde om de goede samenhang, maar tegelijkertijd bekritiseerden ze de schilderingen van Baljeu die duidelijk door De Stijl beïnvloed waren: “de grote wandschilderingen (…) rusten zwaar op (niet geheel begrepen) historische voorbeelden, niet begrepen omdat ze feitelijk slechts decoratieve waarde hebben, door de ornamentachtige herhaling”. 37

 
< Vorige   Volgende >
Inhoudsopgave